Het begin van een nieuwe wereld

Het Kröller-Müller Museum wijdt komende De ontwikkeling van de moderne sculptuur Het Kröller-Müller Museum wijdt komende zomer een tentoonstelling aan de moderne beeldhouwkunst. Het begin van een nieuwe wereld laat de ontwikkeling van de moderne sculptuur zien door de ogen van Bram Hammacher, directeur van het Kröller-Müller Museum 1948 tot 1963.

Bram Hammacher – een klinkende naam, dat zeker. Maar niet een die je direct doet denken aan het Kröller-Müller Museum. Toch heeft deze oud-directeur het museum in Otterlo mede vormgegeven. Letterlijk, want hij is de grote man achter de beeldentuin van het Kröller- Müller. Zijn verhaal staat centraal in de fascinerende tentoonstelling Het begin van een nieuwe wereld.

De passie van Helene

Maar het verhaal begint natuurlijk bij Helene Müller, geboren in Duitsland in 1869. De winstgevende zaken van haar Nederlandse echtgenoot Anton Kröller stellen haar in staat om kunst te verzamelen. Tussen 1907 en 1922 koopt ze werken Van Gogh, Picasso, Mondriaan en vele anderen. Bijna 12.000 stuks. Zo ontstaat een van de grootste particuliere kunstcollecties uit de twintigste eeuw. Vanaf 1913 stelt Helene haar kunstverzameling tentoon in het kantoorgebouw van haar echtgenoot in Den Haag. Later maakt ze plannen voor een museum in Het Nationale Park De Hoge Veluwe. In 1938 opent het Kröller-Müller Museum zijn deuren. Tot aan haar overlijden in 1939 is ze directeur van het museum.

De droom van Bram

Hammacher wordt op 1 juli 1947 benoemd tot conservator en waarnemend directeur van Rijksmuseum Kröller-Müller. Hij kent de collectie goed. Al tijdens en na zijn opleiding kunstgeschiedenis schrijft hij als criticus voor verschillende kranten en tijdschriften. Helene Kröller-Müller waardeert zijn vaak uitgesproken oordeel en wil hem zelfs aannemen als ‘huiscriticus’. Hammacher slaat dat aanbod echter wijselijk af. Wanneer Hammacher op 1 oktober 1948 directeur wordt van het museum, wordt hij geconfronteerd met het nogal strikte gedachtegoed van Helene Kröller-Müller, die haar collectie op enkele uitzonderingen na als afgesloten beschouwt. Er mogen alleen werken worden toegevoegd van kunstenaars die al zijn vertegenwoordigd. Op een slimme manier weet Hammacher deze restricties te omzeilen. De tekst over de collectie die Helene in de stichtingsakte heeft opgenomen legt hij uit als een omschrijving van de schilderijenverzameling. Over beeldhouwkunst wordt geen woord geschreven. Dat geeft hem ruimte om het accent in het verzamelbeleid naar dit terrein te verleggen. Zoals Helene een representatief overzicht van de ontwikkeling in de moderne schilderkunst wilde tonen, zo wil Hammacher de ontwikkeling van de moderne beeldhouwkunst in beeld brengen, op internationaal niveau.

In de loop van de jaren weet Hammacher voor Otterlo werken te verwerven van Auguste Rodin, Antoine Bourdelle en Raymond Duchamp-Villon; van Alexander Archipenko, Julio Gonzalez, Jacques Lipchitz en Ossip Zadkine; van Barbara Hepworth en Henry Moore. En van Constant Permeke, Jean Arp en Marino Marini. Ook koopt Hammacher niet-westerse sculpturen aan, omdat hij de inspiratiebronnen van de moderne beeldhouw- en schilderkunst wil laten zien.

Hij slaagt erin, een beeldencollectie bijeen te brengen die een volwaardige tegenhanger is van de schilderijencollectie van Helene Kröller-Müller en bezorgt daarmee het museum ook een uniek ‘profiel’. Zeker destijds zijn er weinig grote musea met een nadruk op sculptuur. Hammachers grote droom is de verwezenlijking van een beeldentuin. In 1961 is het zover: onder grote internationale belangstelling wordt de tuin geopend. Het concept, een labyrintachtige tuin, waarin de natuur en de beeldhouwkunst als gelijkwaardig worden opgevat, is destijds volkomen nieuw en revolutionair. Vanaf dit moment is het Kröller-Müller een van de belangrijkste internationale musea voor moderne sculptuur. De beeldentuin is Hammachers bekendste wapenfeit, maar hij verwerft ook veel beelden voor ‘binnen’, vaak in nauwe wisselwerking met de beelden in de tuin. Met een groot aantal van deze beelden laat Het begin van een nieuwe wereld een rijkgeschakeerd beeld zien van de moderne beeldhouwkunst. De tentoonstelling omvat ook latere aanwinsten, soms gedaan ter aanvulling op de Hammachercollectie. Een van de belangrijkste is Le commencement du monde van Constantin Brancusi, het beeld dat de inspiratie vormde voor de titel van de tentoonstelling.

Het begin van een nieuwe wereld
1 juni tot en met 29 september 2019

Lezing De droom van Hammacher

Op 22 juni, 18 augustus en 22 september organiseert het museum een lezing over de sculpturenverzameling van Hammacher als inleiding op de tentoonstelling.
Meer informatie op krollermuller.nl/agenda. Graag aanmelden bij info@krollermuller.nl met vermelding van voor- en achternaam en de datum van de lezing.

W: Krollermuller.nl